Storing op de lijn

Een groen blokje naast zijn naam, en een nieuw berichtje. Een oude vriend, die ik al een jaar niet heb gesproken, is eindelijk weer online. Al gauw schakelen we over van chatten naar bellen. In een vorig leven, 2015, 2016, deden we dat urenlang. Tegenwoordig chat ik liever, maar omwille van de nostalgie stem ik toe.

Eerst praten we over hem. Zijn studie, en werk. Dat hij een burn-out had, maar nu therapie volgt. Dan zegt hij: ‘nu jij’.

Nu ik? Wat bedoel je? Wat wil je? Moet ik zomaar uit het niets over mezelf gaan praten? Waarover dan? Ik loop al vast bij de gedachte en ik vraag hem gerichte vragen te stellen.

Hij weigert. Daar wordt het zo gemaakt van.  Een ondervraging. Ik leg uit dat ik vastloop  in alle mogelijke onderwerpen en aanvliegroutes als ik gewoon moet gaan praten, dus een vraag zou helpen. Hij stemt toe en zegt: ‘how have you been lately?’

Dat is nog steeds te vaag, dus ik vraag hem naar de betekenis van lately. ‘The last few months.’ Dat is te breed. Een paar weken of een maand zou me misschien gelukt hebben (normaal niet, maar deze maand heb ik drie weken griep gehad, dus is het wat overzichtelijker dan de meeste maanden), maar een paar maanden?

Ik denk aan de autist die zei dat ze niet snapte waarom autisten moeite hebben met brede vragen, en dat ik toen wees naar de foto in haar hand, een kruising met tientallen wegen.  Ze had de foto net gebruikt om uit te leggen dat keuzes maken zo lastig is en ik zei: ‘dat is precies waarom ik zo’n moeite heb met brede vragen. Er zijn te veel keuzes.’

De andere kant heeft door dat ik er niet uitkom, dus nu volgt er een concrete vraag: ‘hoe gaat het met je been?’ Opgelucht begin ik te vertellen.  Mijn been doet de laatste tijd veel pijn, maar ik doe ook mijn fysio-oefeningen niet vaak genoeg en dan voel ik me daar weer schuldig over, waardoor ik…’

Hij onderbreekt me. Doe je je fysio-oefeningen niet? Waarom niet? Er volgt nu een spervuur van vragen over mijn leefgewoontes. De enige die doordringt is ‘do you go out?’ Ook weer zo’n lastige vraag, want uitgaan kan heel verschillende dingen betekenen. Ik stamel ‘no’. ‘You never go out? Not to your friends? Not to the gym, the movies, do you ever go for a walk?’

Te veel. Te snel. Ik antwoord niet, ik heb geen tijd of rust om zijn vragen te verwerken. Ik voel me opgejaagd. Ik was in mijn hoofd nog bij het uitleggen van de fysio-oefeningen, dat heb ik nog maar half uitgelegd en nu wil hij allemaal andere dingen weten. Ik weet niet wat ik moet zeggen, dus zwijg ik.

Ik probeer door stil te zijn even wat rust te creëren om mezelf te herpakken en dan misschien verder te kunnen met het telefoongesprek, maar dat komt niet over. Ik ben me er niet van bewust dat de stilte te lang duurt, dat het gek is dat ik niets zeg. Voor mij is het niet stil, ik ben bezig alle vragen die hij stelt te verwerken en te kiezen waar ik moet beginnen met antwoorden geven.

‘Hello? Hello? Hello? Hello? Hello? Hello? Hello?’

Hij zegt het op normaal volume, maar op mij komt het nu over als schreeuwen. Hij heeft me net gebombardeerd met informatie (kennelijk zijn vragen ook informatie) en nu voegt hij daar een hoop geluid aan toe. Ik heb een paar maanden geleden ook een keer een skype-gesprek gehad dat op deze manier mis ging, dus dit keer weet ik wat ik het best kan doen. Ophangen.

Geen uitleg, geen excuses, zelfs geen doei. De verbinding is abrupt verbroken. Voor mij een verademing. Ik heb ook gelijk genoeg rust in mijn hoofd om hem – typend-  uit te leggen wat er mis ging. En het verhaal over de been en de fysio-oefeningen af te maken (de clue: ik doe ze nog steeds niet vaak genoeg, maar wel steeds vaker).  Ik zeg dat ik misschien later op de avond nog een keer wil proberen te bellen, maar het het komende uur bij de chat houd, gelukkig stemt hij daar mee in.

Ik baal van de gebeurtenis. Kan ik nou niet eens meer een simpel telefoongesprek aan? Voor ik kennis had over autisme gebeurden dit soort dingen toch ook niet?! Jawel. Maar ik ben voor die diagnose nog nooit zo eerlijk geweest over wat er mis ging. Ik zou nog wat langer hebben geprobeerd te praten, en pas weggeklikt hebben op het moment dat ik echt niet meer kon. En het niet uitleggen, nee, ik zou achteraf hém de schuld hebben gegeven. Iets gevonden hebben in zijn woorden waarop ik boos kon worden, en ons beiden er van overtuigd hebben dat mijn gedrag een gepaste reactie was op zijn gedrag.

Dat hoeft nu niet meer. Dankzij mijn kennis van overprikkeling kon ik het gesprek beëindigen toen ik nog enigszins functioneerde en per chat uitleg geven. En de avond kon gevuld worden zonder onnodige ruzie, maar met een fijne chat.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s