Familieweekend

Aan mijn moeders kant van de familie is er de traditie om eens per jaar bij elkaar te komen en samen een weekend te beleven. Althans, bijna de hele familie komt. Meestal is er één afwezige: ik.

De hele familie, dat zijn ooms en tantes, neven en nichten, aanhang, allemaal bij elkaar zo’n 30 mensen. Allemaal bij elkaar op een locatie. Veel mensen, veel drukte, veel geluid. Ik mijd evenementen met veel drukte, veel mensen en veel geluid, omdat ik er zo slecht tegen kan. Dat betekent helaas in dit geval, dat ik mijn eigen familie mijd.

6 jaar geleden was ik er wel bij. Ik had gehoord dat degene die het eerste kwam het eerst een slaapkamer mocht kiezen, dus ik zorgde dat ik er vroeg was, en koos een tweepersoonskamer ver van de gemeenschappelijke ruimtes vandaan. Toch gingen uiteindelijk andere belangen voor, en eindigde ik in een kamer tegenover de kamer waar alle jongeren gameden en spelletjes speelden en luid waren en lang opbleven. Ik kreeg weinig rust, en moest na afloop lang herstellen. Toch heb ik ook goede herinneringen aan dit weekend. Ik heb de boerderij gezien waar mijn oma is opgegroeid, en veel quality time met mijn broer en andere familieleden gehad.

2 jaar geleden ging ik ook. De locatie was een oude boerderij en de gemeenschapsruimte stond vol met pinbalmachines en andere geluidsmakers. De eerste uren waren het leukst. Ik arriveerde als een van de eersten, en langzaam druppelden familieleden binnen. Stuk voor stuk mensen die ik (te) lang niet gezien of gesproken had, stuk voor stuk mensen waarvan ik blij was ze weer te zien. Ik ging vroeg naar bed, omdat ik overprikkeld was en hoopte na een nacht herstellen ook een leuke zaterdag te hebben. Dat was helaas niet zo. Na een onrustige nacht was mijn energie de volgende dag niet aangevuld, en ik bleef noodgedwongen in bed liggen, wat echter niet voor rust zorgde omdat ik constant overspoeld werd door te veel geluiden van de gang.

Ik wilde niet voor politieagente spelen en die nicht zijn die constant de kinderen maande stil te zijn, dus ik leed in stilte (of, ik leed in gebrek aan stilte). Ik raakte steeds meer uitgeput en tijdens het gezamenlijke diner die avond, had ik ook helemaal geen energie om gezellig te doen.

Ik ging naar huis om daar in alle rust te herstellen, en dat herstel koste me niet een of twee, maar 6 weken. Zo lang had ik nodig om terug te keren op het toch al lage energieniveau van voor dit weekend.

Het is ieder jaar dubben, ga ik wel, ga ik niet naar het familieweekend. Ik wil zo graag mijn familie weer zien. Ik wil zo graag mee kunnen doen met de rest en een leuk weekend hebben. Misschien valt het dit keer mee, en heb ik net zoals 6 jaar geleden, ondanks vermoeidheid en overlast een leuk weekend. Misschien valt het dit keer tegen, en heb ik er net zo weinig aan als 2 jaar geleden, en moet ik net zo lang er van herstellen. Ik heb de website van de accommodatie uitgepluisd, en kan maar weinig informatie vinden over de ligging van de kamers en of alles een beetje geluidsproef is.

Wel kan ik vinden hoe lang het voor mij reizen is naar de locatie: bijna 4 uur met het ov. Dat is voor mij niet te doen. 8 uur reizen in een weekend is onmogelijk, nog zonder de overprikkeling van socialisen met 30 mensen. Het ov kost veel energie, het is er te luid en te licht (ook in de stiltecoupé) en als ik een mij onbekend traject moet reizen levert dat veel angst en spanning op.

Ik laat dus weer een weekend verstek gaan, en ben een van de twee afwezigen. Het is jammer, maar het is wat het is. Wat ik wel kan doen is hopen op volgend jaar. Misschien dat het dat keer wel lukt.

 

 

ADD

Er was iets waar ik niet aan twijfelde, toen ik gediagnosticeerd werd met autisme. Hij ook.

Ik zie mijn 9 jaar jongere broertje worstelen met dezelfde dingen waar ik mee worstelde tijdens mijn studie en nu nog steeds. De kamer opgeruimd hebben. Uitstelgedrag. Groepswerk wat lastig is. Moeilijk sociaal aansluiting kunnen vinden. Niet weten waar je moet beginnen met een opdracht.

Ik leerde, helaas pas nadat ik mijn studie voorgoed heb opgegeven, dat al die dingen met autisme te maken hadden. En dat er hulp voor beschikbaar is.

Ik begon die eerste maanden na mijn diagnose met wat ik nu nog doe: zo veel mogelijk leren over autisme. En ik deelde die kennis met Teddy. Ik praatte met hem alsof hij ook al een diagnose had en zelfs op deze blog heb ik hem meerdere keren autistisch genoemd.

Ondertussen was Teddy hard bezig met het behalen van een diagnose. Hij moest er eerst voor op een wachtlijst staan, toen op een wachtlijst staan en daarna nog even een paar weken wachten. Ergens tussendoor deed hij online vragenlijsten en kreeg hij een intake, waarin besloten werd hem ook op ADD te testen. Mij best, van mij mag mijn broertje ze best allebei hebben.

Tussen het wachten door had Teddy een paar gesprekken met de professionals en ook mijn ouders moesten er aan geloven. Toen kwam de diagnose. ADD, geen autisme.

Ik schoot onmiddellijk de ontkenning in. Ik zag hem al een jaar als mede-autist en dat werd me zomaar afgepakt. Hoezo weten de professionals het beter dan ik? Ik ben wantrouwend, mij is ook ooit (in de jaren 90) verteld dat ik geen autist kan zijn. Die professionals hadden het ook fout en hadden mij een hoop ellende kunnen besparen als ze hun werk beter gedaan hadden.

Maar na een paar weken begin ik aan het idee te wennen. Alle problemen die ik hierboven opnoemde, die hebben behalve de sociale allemaal met executieve functies te maken. Sociaal lijkt het inmiddels gewoon helemaal prima te gaan. En moeite met executieve functies, dat hebben autisten en ADD’ers met elkaar gemeen.

Mijn broer heeft niets aan een zus die zijn diagnose de hele tijd ontkent, of eigenlijk, die hem een extra aandoening wil aanpraten, dus vanaf nu ga ik er vanuit gaan dat hij niet autistisch is. En misschien haal ik de volgende keer in de bieb niet alleen boeken over autisme, maar ook over ADD. Kan ik leren hoe Teddy in elkaar zit.