Kleine keuzes

Ik zit op mijn bed, net terug uit de badkamer, helemaal klaar om te gaan slapen. Nou ja, bijna. Ik wil nog een beetje bodylotion smeren en een slok water drinken. Makkelijk zat, zou je denken. Maar nee. Want welk van de twee doe ik eerst?

 

Ik kom ‘em vaker tegen. De arbitraire keuze. Je weet dat de uitkomst helemaal niets uitmaakt en toch kan ik hem niet maken. Water of bodylotion? Bijt ik links of rechts van de eerste hap voor de tweede maal in mijn brood?

Ik kom ‘em ook tegen als er te veel taken gestapeld worden. Ik kijk tv en bedenk me dat ik het volgende reclameblok naar de wc ga. Dan bedenk ik me dat ik dan gelijk dat lege bord naar de keuken kan brengen, want ik loop toch al. En oh, ik kan gelijk wel even mijn telefoon aan de oplader leggen. En wilde ik nou een snack?

Het reclameblok begint en ik doe niets. Want zou ik nou eerst naar de keuken of eerst naar de badkamer? En wanneer pak ik die snack dan? Het volgende reclameblok begint en ik zit er nog steeds, besluiteloos. Het is niet zo dat ik full time aan het nadenken ben over mijn arbitraire dilemma. Mijn hoofd zegt: oh, dit is moeilijk, daar kom ik later op terug en leidt zichzelf vervolgens af. En het zijn juist de kleine keuzes waarbij ik stil val, bij grotere wordt mijn aandacht via piekeren weer terug naar de beslissing geleid.

Ik heb twee strategieën die me uit deze niet-kiezende verlamming helpen. De eerste: een protocol, algoritme of vaste regel. Rijstwafels eet ik altijd tegen de klok in, brood met de klok mee. Nu ik dat heb bedacht, kan ik weer gewoon dooreten. Als ik afwas, is hetgene wat het meest rechts op het linkeraanrechtblad staat het eerst aan de beurt, gewoon altijd.

De tweede is een dobbelsteen. Weet ik niet welke thee ik wil? 1 is rooibos, 2 is earl grey, 3 citroen. En dan gooi ik een 5, wat in dit geval Earl Grey betekent. Welk artikel wil ik lezen? De dobbelsteen zegt 4, en mijn vierde open tabblad is een autismeblog en die ga ik dus lezen. Het is voor deze methode belangrijk om vóór je gooit te weten welk nummer welk resultaat vertegenwoordigt, je giet je opties dus alvast in een lijstje. Bij meer dan 6 opties kun je meerdere keren gooien of een regel bedenken waardoor er maar 6 opties meedoen bij deze worp. Als je geen dobbelsteen bij de hand hebt, kun je elke digitale klok gebruiken en het laatste cijfer als 10kantige dobbelsteen zien. Maar thuis heb ik al jarenlang op alle belangrijke plaatsen een dobbelsteen klaarliggen. In de keuken. Op mijn laptop. Op mijn bureau en in de la van de tafel.

Ik heb ooit een therapeut gehad die mij mijn dobbelsteen wilde afleren. Ze zei dat kleine keuzes oefeningen zijn voor grote keuzes. En ja, verdraaid, grote keuzes zijn ook ontzettend moeilijk, al loop ik daar op een hele andere manier in vast. Ik heb toen een tijd lang mijn systemen en dobbelstenen proberen te verminderen, maar dat had vooral heel veel inactiviteit tot gevolg. Toen ben ik het maar weer gaan doen, maar zag ik het als slechte gewoonte. Tot ik op een dag las dat Steve Jobs en andere genieën altijd dezelfde kleren dragen of andere strategieën hebben om kleine keuzes weg te halen. Met de gedachte dat al die kleine keuzes energie kosten, die je dan niet aan belangrijke dingen kan uitgeven.

Sindsdien geniet ik gewoon van mijn dobbelsteen en van mijn ‘rigide’ regels. Want geloof me, het is beter dan zittend op je bed in slaap vallen, omdat je nog een slok water en een lik bodylotion wilde.